Theo-gif-groot.gif

7. Het glas is halfvol

This is the page description.

INZICHT #7

—  Het glas is halfvol —

ontdekte Theo van Bruggen, programmamanager Regionale Energie Transitie bij RVO

 

Het grote verhaal achter de energietransitie kent naast doemscenario’s vooral ook lichtpuntjes. Maar geldt dat ook voor de toekomst van het interbestuurlijk proces?

 
 

‘Deze beweging is niet meer te stoppen’

Theo van Bruggen, programmamanager Regionale Energie Transitie bij RVO: “Op kleine schaal hebben we de afgelopen 15 jaar best wat interbestuurlijke activiteiten in onze programma’s gehad, maar met de Regionale Energie Strategieën is er echt een vernieuwende samenwerking gaan rollen. En dat is vooral te danken aan de consistente visie van het team van NP RES. Ik noem dat graag de ‘ongezien methodische aanpak’ van de mensen die deze transitie faciliteren. Hierdoor kon een lerende community ontstaan dwars door de bestuurlijke lagen heen, gebaseerd op waarden als de menselijke maat, gelijkwaardigheid en nieuwgierigheid. Ik ben optimistisch over de stevigheid van die community omdat de bedding goed is: een toegankelijk opdrachtgevend beraad en een programmaraad die bestuurders erbij houdt.

Toch zijn de oude bestuurlijke reflexen bij de nieuwe nationale programma’s nooit ver weg. Vooral de ministeries laten zich te gemakkelijk prikkelen tot top-down oplossingen voor complexe opgaven. Zeker onder druk van de Tweede Kamer. Bij de totstandkoming van het Nationaal Programma Landelijk Gebied bijvoorbeeld lees ik weer zinnetjes als ‘Rijksregie op de opgave’. Dat vind ik meer dan zorgelijk. Alsof we helemaal niks geleerd hebben van het Energieakkoord. De RES zou juist inspirerend moeten zijn voor de aanpak van andere complexe vraagstukken. Ik bepleit geen simpele copy/paste van de RES-aanpak maar de tijd van centrale sturing is echt voorbij. De interbestuurlijke beweging is niet meer te stoppen.”

“Het RES-proces vind ik inspirerend voor de aanpak van andere complexe vraagstukken. Ik bepleit geen simpele copy/paste maar de tijd van centrale sturing is echt voorbij”


Lichtpuntjes

Het grote verhaal achter de energietransitie kent naast doemscenario’s vooral ook lichtpuntjes. Klimaatjournalist van De Correspondent Jelmer Mommers leest in het recentste IPCC-rapport hoopgevende signalen. Het is, zegt het rapport, ‘vrijwel zeker’ dat we met stevig ingrijpen de verdere opwarming van de aarde nog kunnen stoppen. Het is nog niet te laat om het tij te keren.

Onder de RES’ers is in ieder geval veel optimisme over de voortschrijdende techniek, al blijft de kennis daarover nogal onderbelicht in de RES’en zelf. Er is veel goed nieuws te vertellen over de stand van de duurzame energietechniek maar het is nu eenmaal moeilijk koersen op techniek die nog niet ten volle is ontwikkeld. Duidelijk is inmiddels wel, zo stelt ook het IPCC, dat vanaf 2045 een 100% duurzame energievoorziening mogelijk is. En zelfs in de wereldpolitiek zijn er hoopgevende verschuivingen. De VS zijn terug in het klimaatakkoord, China wil in 2060 geen CO2 meer uitstoten en De Europese Unie heeft een ambitieuze Green Deal.
Er zijn genoeg signalen om het glas als halfvol te beschouwen.

Pril

Veel betrokkenen hadden het over het interbestuurlijke proces. Ook daarin was steeds de ondertoon: het RES-proces is weliswaar imperfect, maar het glas is halfvol. Zonder uitzondering kijken de geïnterviewde betrokkenen met grote bewondering en optimisme naar de vorderingen die zijn gemaakt. En met bescheiden voldoening naar hun eigen bijdrage aan deze vernieuwende interbestuurlijke beweging. Een beweging die pril en kwetsbaar is, maar inmiddels stevig genoeg om op eigen kracht voort te gaan.

Half vol (lees meer)

Productief denken

Maar zal dat ook zo blijven? Zal de RES-aanpak navolging krijgen bij andere grote opgaves zoals Stikstof of Wonen of zal ze de boeken ingaan als een eenmalig en losbandig experiment voor goedwillende optimisten? Een interbestuurlijk speelkwartier dat met een druk op de zoemer voorbij is? Bij deze grote vragen zou het kunnen helpen om je blik te richten op de juiste helft van een halfgevuld glas. Geert Teisman, hoogleraar Bestuurskunde Erasmus Universiteit Rotterdam: “Of het glas halfvol of halfleeg is, kan ik wetenschappelijk niet meten. Wel weet ik dat we het ons niet kunnen permitteren om cynisch of negatief te zijn. Dat is de bron van neergang in de samenleving.” Maar je moet natuurlijk wel blijven nadenken. Voor de optimist is het glas altijd halfvol, voor de pessimist halfleeg. De productieve denker stelt een vraag: ‘Waar is de kraan?’

3 heikele kwesties 

#1. “Het RES-proces verloopt veel beter dan we hadden durven denken. Deze vorm van dialoog zou je zeker ook voor andere opgaven kunnen inzetten, zoals stikstof of gebouwde omgeving. Maar op het moment dat je roept: dit moet een integrale aanpak worden, dan verzandt het en dan wordt het helemaal niks.” (Jan Jacob van Dijk, oud gedeputeerde Gelderland en Voorzitter RES Beraad)

#2. “Het RES-proces is nu heel bottom-up. Dat is goed, maar er moet wel een verbinding komen met top-down. Dat kan nog prima. Niet door als rijksoverheid een RES-besluit keihard te overrulen, want dan ben je iedereen kwijt. Wel kun je geleidelijk sturen, door finetunen en afstemmen.” (Marco Berkhout, RES-coördinator Noord-Holland Zuid)

#3. “Het probleem is dat de formele bestuurslagen nog steeds over het geld gaan. Op het moment dat Rijk, Provincies en Gemeenten samen besluiten hoeveel geld ze in de RES’en gaan stoppen, dan gaat het vliegen. Daar ben ik van overtuigd.” (Geert Teisman, Hoogleraar Bestuurskunde aan de Erasmus universiteit van Rotterdam)


 

Hoe zien anderen dat eigenlijk?


Anne Schipper, voorzitter Jong RES: “Ik heb veel om over te mopperen maar bij mij is het glas altijd halfvol. Ik heb een ziekelijk vertrouwen in de mensheid en ik sta daar niet alleen in. In mijn generatie zit veel meer hoop dan wanhoop.”


Annie van de Pas, directeur van de koepel van Natuur- en Milieufederaties (NMF): “Ik denk dat het heel nuttig is om de huidige RES-structuur overeind te houden voor de andere grote opgaves. Als we de huidige structuur uitbouwen, komen al die opgaven en bijbehorende partijen naast elkaar te staan. Dat zou ik wel mooi vinden.”


Kristel Lammers, directeur NP RES: “Elke opgave heeft iets anders nodig dus zomaar de RES-aanpak kopiëren is geen goed idee. Wat je wel kunt doen is kijken naar de uitgangspunten die wij hebben omarmd: het persoonlijke, het gezamenlijke, het mensgerichte. Als je de opgave onder een DG en een minister hangt, dan ziet het er echt heel anders uit.”


Lian Merkx, manager Programmateam Energie bij VNG: “Wat ik spannend vind is dat we slechts één Nationaal Programma hebben waar we op deze manier met elkaar samenzitten. Er wordt nu van alles aan vastgehangen en dat vind ik een zwaktebod.”


Harm Luisman, Liaison NBNL bij NP RES: “De RES-aanpak is nog best kwetsbaar. Ik moet nog vaak uitleggen aan collega’s hoe het precies in elkaar zit. Ik acht de kans vrij groot dat er straks alsnog een centrale sturing vanuit een ministerie komt.”